Spreker: Johan Luttik Onderwerp: De afslag missen Bijbeltekst(en): 1 petr. 5:5 Datum: 30-11-2025 Infotheek nr: 4547 Presentatie (PPT): Obadja 1:1-7 1 Visioen van Obadja. De HEER heeft een bode gestuurd naar alle volken; ook wij hebben zijn boodschap gehoord: ’Kom, laten we ten strijde trekken tegen Edom!’ Dit is wat God, de HEER, over dat volk zegt: 2 Ik maak van jou een onbeduidend volk, verfoeid en veracht. 3 Door je hoogmoed heb je je laten verleiden: hoog woon je, hoog in de rotskloven, daar heb je je huis gebouwd, en je denkt: Wie haalt mij naar beneden? 4 Maar al vlieg je zo hoog als een adelaar, al bouw je je nest in de sterren, dan nog haal Ik je neer - spreekt de HEER. 5 Komen er dieven, rovers in de nacht - ze stelen alleen wat hun van pas komt. Maar Edom, jij bent leeggeroofd! En komen er druivenplukkers - niet alle trossen snijden ze af. 6 Maar Esaus volk is uitgeschud, zijn schuilplaatsen geplunderd! 7 Bondgenoten verdreven je uit je eigen land, vrienden hebben je verraden en verslagen, tafelgenoten lokken je in de val, en jij blijft verbijsterd achter. Matt. 18:1-3 1 Op dat moment kwamen de leerlingen Jezus vragen: ’Wie is eigenlijk de grootste in het koninkrijk van de hemel?’ 2 Hij riep een kind bij zich, zette het in hun midden neer 3 en zei: ’Ik verzeker jullie: als je niet verandert en wordt als een kind, dan zul je het koninkrijk van de hemel zeker niet binnengaan. 1 Petr. 5:5 5 En u, jongeren, moet van uw kant het gezag van de oudsten erkennen. Overigens, in de omgang met elkaar moet ieder van u altijd de minste willen zijn, want God keert zich tegen hoogmoedigen, maar aan nederigen schenkt Hij zijn genade. Jac. 4:10 Verneder u voor de Heer, dan zal Hij u verheffen.